Regels – werkwoorden

Dit is de overzichtspagina met de 3 typen regelmatige werkwoorden. Zij worden weergegeven met een boom (de stam is zichtbaar).
De uitzonderingen noemen we type 4. Zij worden weergegeven met een den (de stam is niet zichtbaar).
Het gaat om werkwoorden in de tegenwoordige tijd (o.t.t.). Er zijn dan maar weinig uitzonderingen.
(Dit geldt niet voor de verleden tijd.) Van elk type is er een aparte pagina.

Type 1

werken werk
1 2
ik werk wij/we werken
jij/je werkt u werkt jullie werken
hij werkt zij/ze werkt zij/ze werken

Naar de pagina met meer voorbeelden.


Type 2

lopen loop
1 2
ik loop wij/we lopen
jij/je loopt u loopt jullie lopen
hij loopt zij/ze loopt zij/ze lopen

Naar de pagina met meer voorbeelden.


Type 3

liggen lig
1 2
ik lig wij/we liggen
jij/je ligt u ligt jullie liggen
hij ligt zij/ze ligt zij/ze liggen

Naar de pagina met meer voorbeelden.